Een vuiltje is niet altijd een vuiltje

Stel: de tegenpartij speelt een 4-schoppen contract. U hebt in handen:

Uw partner besluit om met een kleine klaveren uit te komen. U zet de vrouw en links neemt de leider met de heer. Nu wordt vier maal troef getrokken. U kunt maar twee maal bekennen. Wat gooit u in de derde en vierde maal dat er troef wordt getrokken weg?

U moet klaveren gedekt houden, want uw partner vroeg om terug te komen. Met de tien kan u dan mooi voorzetten en als uw partner de slag aan u laat, moet u nog een keer kunnen voorzetten.

U zult niet al te enthousiast zijn om de harten aas-heer kaal te gooien. U moet dan het aas zetten op de eerste de beste harten die gespeeld wordt. Waarschijnlijk gooit u een kleine harten en een kleine ruiten af, of zelfs twee kleine ruitens, in de veronderstelling dat u daar toch niets in zal maken.

Vervolgens wordt het spel gespeeld. U maakt twee hartens, uw partner maakt een klaverslag, de derde klaveren wordt afgetroefd en vervolgens heeft de leider ruiten aas-heer-vrouw en 8. Contract binnen.

Als u zuinig was geweest op uw vierkaart, dan had u de twee kleine hartens weggegooid. Dit is natuurlijk ook een vierkaart, maar het is niet waarschijnlijk dat de leider hier extra slagen in wil ontwikkelen, want hij moet minimaal twee maal van slag voordat er iets vrij komt.

In zon kaart als hierboven komt het vaker voor dan u denkt, dat het contract afhankelijk is van een vierde kaart in een kleur. Op het eerste gezicht zijn uw ruitens kansloos, maar ze kunnen het ontwikkelen van zon vierde slag goed tegenhouden. Uw derde en vierde harten zijn in ieder geval kansloos en dus maakt het weinig uit om de twee kleintjes in harten af te gooien.

Als u signaleert volgens het Lavinthal of Revolving Discard systeem, houd dan ook rekening met de vierkaart met verdedigende waarden. Als uw partner aan slag komt, weet hij waarmee hij moet komen om u een slag te bezorgen, als dat signaal van uw vierkaart een driekaart maakt, levert het de tegenstander mogelijk een slag op.

Kijk de volgende keer dat u speelt maar eens naar de spellen en hoe ze gespeeld worden. Vaak wordt een lange kaart ontwikkeld bij de gratie van de tegenstander die de verkeerde kaart weggooide en vaak is dat een kleintje van een vierkaart. Onder het motto "ik gooi een vuiltje", wordt de downslag weggegeven.

 


Terug naar het overzicht Achterkantjes
Terug naar hoofd menu